Selecteer een pagina

2. Samenvatting
– Ik met me maat Vledder, waarmee ik dit werk al een tijdje doe, kregen een opdracht om een begrafenis bij te wonen. Dit had te maken met een moord in Antwerpen. Ons werd gevraagd door de Antwerpse politie, om op opvallende dingen te letten of er iets ongewoons gebeurde.
Nou dat gebeurde ook! Ik zag een man staan, nee niet zomaar een man, maar een man die al twee jaar dood was ik wist het zeker. Ik ben toen gaan sprinten, maar Ronald Kruisberg (de naam van de persoon die ik zag) was jonger dus ook veel sneller als ik want op mijn leeftijd ben je niet meer de snelste. Het werd nog indrukwekkender toen de dag erna. De weduwe van het begraven slachtoffer aangifte kwam doen van een geval van valsheid in geschrifte, want de bankrekening van haar man was een dag na diens dood leeggehaald. Dit kon wel eens een lang onderzoek worden, want er klopte iets niet. Mijn maat Vledder vroeg nog steeds aan me of ik het wel zeker wist. Maar toen drie dagen later, Dhr. Kruisberg voor me bureau stond. Vroeg ik hem naar zijn leeftijd, waar hij woonde en wat andere zaken. Ik vroeg of zijn ouders nog leefde bij zijn moeder, antwoordde hij met een dikke glimlach ‘ja’ . Maar bij zijn vader liet hij zijn hoofd naar beneden hangen. Dhr. Kruisberg vertelde dat zijn vader was omgekomen bij een verkeersongeval. Maar ja hoe kon ik dit nou geloven als ik hem met eigen ogen had gezien.

Het werd allemaal nog lastiger voor mij toen er even later weer een melding kwam van een moord in Antwerpen. De Antwerpse politie vroeg mij om daar weer bij te zijn en zag ik een naam staan in het condoleance register van een dode persoon. Toen ik dit had onderzocht kwam ik er achter, dat deze persoon iets te maken had me t een één of andere sekte; het heilig verbond. Ik heb dit lang onderzocht en kwam er zo achter dat dit in Antwerpen lag bij de Bloedberg. Ik heb heel de kaart van Antwerpen onderzocht. Maar zag nergens Bloedberg staan. Toen ben ik naar Antwerpen gegaan want ik kreeg een paar tips van de zoon van Ronald Kruisberg, ik moest op zoek naar een tempel.

In Antwerpen aangekomen ben ik naar de haven gegaan waar een vermoorde man was aangetroffen. En heb daar op straat een man aan gesproken, en vroeg naar het Heilig verbond hier wilde de man niet veel over kwijt maar na het ijs gebroken te hebben vertelde hij waar het was. Ik ben er toen zelf naar toe gegaan en deed net of ik geïnteresseerd was, ja dat was ik ook wel maar dan anders. Toen kwam ik erachter dat veel criminelen net deden of ze dood waren, omdat ze van hun straf af wilden komen en bij de dood vervalt de strafvervolging.
Ik heb toen heel het heilig verbond aangepakt, want dit kan natuurlijk niet. Mensen laten leven en dan zeggen dat ze dood zijn. Dit komt gelukkig allemaal goed door de onderzoeken die vledder en ik al jaren doen. Dit maken wij wel vaker mee en liggen we niet wakker van maar ik moet wel zeggen dit keer was het spannender en moeilijker dan normaal.

3. Typering
a – Gaat het om een roman / novelle / verhalenbundel / toneelstuk?
Dit boek is een roman er zit een verhaal in het kan allemaal echt gebeurd zijn.
b – Wat voor soort boek is het?
Detective verhaal, er wordt in dit boek een zaak onderzocht een politieonderzoek.
c – Wat is de verhouding fantasie / werkelijkheid?
Dit boek is werkelijkheid er gebeuren geen dingen die niet kunnen in het echt alles zou je zelf dus ook zo mee kunnen maken er zit geen fantasie in.

4. Decor
a – In welke tijd speelt het boek? Geeft de schrijver hiervoor duidelijke aanwijzingen of moet je het afleiden van verspreide gegevens?
Dit boek speelt zich af ongeveer 20 jaar geleden, dit verteld de schrijver niet maar dit kan je afleiden uit het verhaal want er wordt verteld in wat voor auto ze rijden, en hoe je het ook kan opmerken is dat ze geen gebruik maken van mobiele telefoontjes.
b – Op welke plaatsen spelen de gebeurtenissen zich af? Hoe beschrijft de auteur die plaatsen?
Het speelt zich af op verschillende plaatsen, Amsterdam (waar het kantoor zit) en in Antwerpen. De auteur vertelt het zo, ‘Op het mooie oude treinstation stapt de Cock in richting zijn thuis Amsterdam’
c – Wat kom je te weten over het sociale milieu, het weer, de sfeer? Is dat belangrijk voor het verhaal?
Op elke plaats waar de Cock met Vledder komt wordt er wel verteld van er hangt een gemoedige sfeer, of de weergoden zijn weer bezig het regent al heel de dag.

5. Tijdsverloop
a – Is het verhaal chronologisch of niet chronologisch geschreven? Komen er retrospecties en/of prospecties in voor?
Nee het verhaal heeft steeds de zelfde tijd je leest het zeg maar dag op dag.
b – beschrijf waar tijdverdichtingen en/of -vertragingen optreden. Dus waaraan wordt relatief weinig en waaraan relatief veel aandacht aan besteed?
er wordt veel tijd besteed aan de plaatsen en personen te beschrijven en als ze onderweg zijn ergens naar toe dan wordt dat lang beschreven er wordt weinig tijd besteed aan de avond-uren en ook niet aan de kleine bezoekjes..
c – wat is de verhouding verteltijd / vertelde tijd?
het wordt door een verteller verteld, bijvoorbeeld: De Cock knikte.

6. Personen
a – De Cock (met ceoocekaa) is het hoofdpersonage uit dit boek.
Vledder is de assistent van de Cock hij is altijd samen met de Cock
Ronald Kruisberg de zoon van de overleden Ronald Kruisberg
Ronald Kruisberg eigenlijk al 2 jaar dood maar leeft toch nog.
Dhr. Van Assemburg de overleden persoon van de 1e begrafenis de zwager van R.K Senior

Voor de rest komen er nog meerdere personen in voor maar dit zijn de belangrijkste.

7. Perspectief
a – Heb je te maken met een ik figuur?
Nee het wordt allemaal verteld door een verteller.
b – Heb je te maken met een verborgen verteller? ( kom je als lezer meer te weten als de hoofdfiguur?)
Nee, er is geen verborgen verteller maar wel een verteller die het zo verteld: de Cock liep langs het afgebrande huis. Dus als lezer kom je niet meer te weten.
c – Is het een hij- of een zij- verhaal.
Dit is meer een hij- verhaal echt een mannen boek is dit. Er komt actie in voor en politieonderzoeken meestal houden vrouwen hier niet zo van, dus is dit meer voor mannen.

8. Structuur
a – gebruikt de schrijver hoofdstukken en/of witregels?
Ja, hij gebruikt hoofdstukken en witregels.
b – Is er sprake van en informatieve opening of een opening in de handeling? Licht dit toe.
Het verhaal wordt informatief geopend er wordt verteld wat er gebeurd is en wat de Cock met Vledder te wachten staat.
c – Is het einde open of gesloten? Licht dit toe.
Een gesloten eind het onderzoek is op de laatste pagina helemaal afgerond.

9. Thema
a – Wat is volgens jou het thema (in één zin vertellen waarover het boek gaat.)
het gaat over een spannend politieonderzoek.
b – Is er een motto/ (gedichtje o.i.d. voorin het boek) en/of een opdracht (voorin het boek ‘voor….. ’) Geef een verklaring.
Nee er is geen motto het is een boek uit een serie boeken van Baantjer. Het gaat over de Cock die avonturen beleefd.

10. Verklaar de titel en de eventuele ondertitel.
De titel is makkelijk te verklaren, het is een boek uit de serie van Baantjer en de ondertitel is de titel van dit boek. De moord op de Bloedberg, daar gaat het boek over want ze onderzoeken die moord.

11. persoonlijke oordeel.
schrijf een artikeltjes over dit boek. Het artikel is bestemd voor de schoolkrant. Geef daarin je mening en licht die toe. Vertel ook waarom je dit boek koos, wat het hoogtepunt/dieptepunt was en of het boek je aan het denken heeft gezet. Gebruik beoordelingswoorden als ‘spannend’- ‘saai’- enzovoort.

De boeken van Baantjer is aan iedereen aan te raden die van spanning houd. Als je dit boek leest kan je niet stoppen. Het leukste uit het boek vond ik de personages hoe die met elkaar om gingen daar kon ik wel om lachen. Ik koos dit boek omdat ik hoorde van anderen dat het boek makkelijk te lezen was en omdat ik lezen moeilijk vond leek mij het een goede keus. Het boek was niet saai.. het was een leuk, spannend boek!

12. De schrijver.
Officiële naam Albert Cornelis Baantjer
Geboren 16 september 1923
Geboorteplaats Urk
Fanmail P/a Poortweijdt 4, 1671 RC Medemblik
Hobby’s Modeltreinen in zijn tuin en zijn hond

Baantjer werd geboren op Urk, nog voor zijn achtste verhuisden hij met zijn ouders
naar Amsterdam op het Bickerseiland. Hij kreeg een christelijke opvoeding.
Vooral zijn grootouders waren zeer christelijk. Appie doorloopt de lagere school
en de U.L.O.
In 1942 heeft hij nog zelfs in de gevangenis gezeten omdat hij in een Duitse
tewerkstelling verlofbriefjes vervalste.
Na de Tweede Wereldoorlog weet Appie nog steeds niet wat hij wil worden.
Na een tijdje meldt zijn vader, zonder dat Appie het weet, hem aan bij de
Amsterdamse gemeente politie.
Op een zekere dag zei vader:’ Je moet je morgen melden bij de politie’.
Appie zei:’Wat heb ik misdaan?’ ‘Niets, zei hij’, ik heb voor je gesolliciteerd.’
Appie was 22 jaar, toen nog wijkagent. Later bij de radio-, auto- en motordienst
en als laatste rechercheur. Appie Baantjer werkte 28 jaar aan de Warmoesstraat.
Hoe begon Baantjer met zijn romans?
Het begon allemaal met een prijsvraag van Het Parool. Het ging erom wie het beste
korte verhaal schreef.
Baantjer doet mee, maar bij het inschrijf formulier gebruikte hij de naam van zijn moeder.
Het verhaal heet: Het moraal van het cliché. Het verhaal wint. Baantjer besluit daarna door te gaan met schrijven.
Het boek “Vijf maal acht grijpt in” schrijft hij samen met Maurice van Dijk.
Hun boek verschijnt onder de naam Baandijk, het heet “Vijf maal acht”.
Daarna schrijft hij nog korte stukjes voor verschillende tijdschriften en schrijft boekjes
en dan begint echt zijn schrijfcarrière. Iemand vraagt Baantjer of hij niet eens een
roman wil schrijven. Dit wordt Een strop voor Bobby.
Een verhaal waar Albert Versteegh het onderzoek leidt, De Cock komt er nauwelijks
in voor.
Dit stukje staat er over De Cock in:
De Cock was wat klein van stuk en de enige van ons ploegje, die een snorretje droeg.
Door zijn levendige geest en zijn vermogen om alles en iedereen te imiteren was hij de komiek van de kamer.
Hij was beslist een goede collega en het moet gezegd, een pientere rechercheur.
Later de o zo bekende De Cock wordt in dit boek alleen bij naam genoemd. En in de rest van de De Cock boeken komt hij er wel in voor (zonder snorretje).
De Cock en de strop voor Bobby is toch in de De Cock reeks opgenomen
(Ook al komt De Cock er nauwelijks in voor).
In de binnenkant van het boek staat er ook dit:
“Een strop voor Bobby was de eerste roman van A.C. Baantjer.
De eerste druk verscheen in 1964 als onderdeel van de Moord tussen de buien door, een uitgave van De Arbeiderspers te Amsterdam”.