Selecteer een pagina

[b]Algemene gegevens:[/b]

Uitgeverij: Meulenhoff BV Amsterdam
Jaar van uitgave: 1988
Pagina’s: 111
Motto: ….de gedachte dat ergens een fout heb gemaakt is en dat er een land moet zijn waar ik thuishoor en waar ik kan vliegen………….

Panus
Dit motto heeft betrekking op Zilver. Hij zoekt als het ware een plek waar hij thuis kan zijn, maar kan die binnen de grenzen van het boek niet vinden. Dat dit niet lukt ziet hij voor een groot deel als een fout van hemzelf. Hier denkt hij ook veel over na. Wat het laatste stuk van het motto betreft, dit is af te leiden aan de hand van de vele dromen van Zilver in dit boek. In vele van die dromen vliegt hij als een vogel boven de stad.

Verder is het boek ook nog opgedragen aan iemand. Helemaal aan het begin van het boek staat namelijk: voor Tilly, schateiland

[b]Personages: [/b]

In het boek komen maar weinig personages voor. Degene die voorkomen zijn echter wel allemaal behoorlijk uitgewerkt. In het komende stuk zal ik de belangrijkste personages van het boek beschrijven. Ik zal voornamelijk ingaan op het innerlijk en karakter en zo, want er wordt in dit boek, zoals in zoveel literaire werken, maar erg weinig aandacht besteed aan het uiterlijk van de personages.

Als eerste de hoofdpersoon, Zilver. Ik twijfel of dit zijn echte naam is, maar dit kan ik niet bevestigen of ontkennen aan de hand van gegevens in het boek. Die ontbreken hiervoor namelijk. Gezien het rijke milieu waar Zilver uitkomt is aan te voeren dat een zeldzame, beetje vreemde naam, als Zilver aan hem gegeven kan zijn. Maar aan de andere kant hoeft dit niet. Zilver droomt namelijk erg veel, het boek is geschreven vanuit zijn perspectief en gedachtes en hij wil zich graag lijken op de helden uit zijn boeken. Een van zijn favoriete boeken is Schateiland. En laat een van de dappere hoofdrolspelers, waar Zilver zich graag mee identificeert, Silver heten. Dat is dezelfde naam als Zilver heeft, maar dan in het Engels. Gezien de dromerige aard van Zilver zou het kunnen dat hij zichzelf zo noemt naar de held in dat betreffende boek. Kenmerkend hierbij is dat je nergens in het boek, in elk geval op weinig plaatsen, iemand Zilver bij de naam hoort noemen in de dialogen. Het zou dus kunnen dat hij deze naam aan zichzelf heeft gegeven, maar dat komt niet duidelijk naar voren in het boek.

Maar om terug te komen op de hoofdzaak, het karakter van Zilver. Zilver is een erg rustige en zoals gezegd extreem dromerige jongen. Hij denkt lang en veel na over alle dingen van het leven. In het begin van het boek zijn dat met name verre reizen en helden, maar later denkt hij meer en meer aan meisjes, zoenen en seks. Dit geeft goed aan dat hij volwassen aan het worden is. Hij verandert van een jongen die droomt over helden uit boekjes in een jongen die soms vergaande fantasieën heeft, maar zich hier overigens ook voor schaamt.

Vanwege zijn strenge opvoeding is Zilver absoluut niet blij met zijn gedachtes. Met name die over seks vindt hij eigelijk walgelijk, maar hij kan ze niet tegenhouden. In pogingen van binnen weer ‘zuiver’ te worden, zoals hij het, doet hij soms rare dingen om de gedachtes voor zichzelf als het ware af te kopen en goed te praten.

Het karakter van Zilver is niet onvriendelijk, maar door zijn verlegenheid is het ook niet iemand waar je snel mee in contact komt. Uit het boek blijkt dat hij niet veel contact heeft met medeleerlingen op school. Ook later in het internaat komt dit weer tot uiting. Hij krijgt er een paar goede vrienden en met de rest van de jongens gaat hij nauwelijks om.

Zeker in het begin van het verhaal is Zilver een ietswat brave jongen. Hij doet van alles om het anderen naar de zin te maken. Ook als hij er zelf helemaal geen zin in heeft doet hij de dingen toch. Later in het verhaal wordt zijn braafheid minder, hij wil er zelf graag vanaf en doet een aantal dingen die daarmee corresponderen zoals geld stelen, maar toch blijft hij een tamelijk plichtsgetrouwe jongen die in ieder geval probeert te doen wat er van hem verlangt wordt. Al moet gezegd worden dat er zo nu en dan iets fout gaat wat hij niet zo bedoeld had, maar waar hij wel volledig op aangekeken wordt.

Ondanks de gedachten dat Zilver er afschuw van heeft, is hij toch ook wel erg geïnteresseerd in seks en vrouwen. Al laat hij dit absoluut niet merken aan de buitenwereld. Stiekem kijkt hij in een boek, met plaatsjes over allerlei seksuele onderwerpen, dat ooit van zijn vader was, om toch meer te weten te komen over het andere geslacht. Ook kijkt hij zo nu en dan in seksblaadjes om zijn lusten te bevredigen. In zijn dromen denkt Zilver veel na over seks en vrouwen. Net zoals hij vroeger in zijn dromen een grote held was, zo is hij later in het boek een seksbom, een man waar vrouwen met bosjes voor vallen en die door iedereen aantrekkelijk gevonden wordt.

De seksuele driften van Zilver gaan op en af in het boek. Zo nu en dan denkt hij er veel aan, op andere momenten schaamt hij zich er erg voor en wil hij deze gedachten ook koste wat kost uit zijn hoofd verbannen.

Wat in het boek ook nog naar voren komt in het boek is de twijfel van Zilver op een groot aantal punten. Hij twijfelt of hij homo of hetero seksueel is, of hij blijft dromen of dat hij zijn dromen in daden om gaat zetten, of hij dichter moet worden of een iemand die echt dingen doet en of hij bij zijn hoge sociaal milieu moet blijven of dat hij zich moet vestigen in de lagere sociale milieus. Deze keuzes die Zilver moet maken komen allemaal vaak terug in het boek. Een belangrijk onderdeel van het verhaal is dan ook het maken van keuzes voor je hele leven. Zilver weet echter niet goed wat hij met deze vragen aanmoet, kan ze niet beantwoorden, en wordt hierdoor nog onzekerder.

Het gedrag van Zilver is overeenkomst met zijn milieu. Hij gedraagt zich netjes en zo is hij ook opgevoed. Van binnen protesteert hij echter tegen dingen doen tegen zijn zin, maar zijn gesloten karakter maakt dat niemand anders hier echt wat van lijkt te merken.

Samengevat is Zilver dus een stille, onzekere, dromerige jongen die niet goed weet wat hij wil in zijn leven en zich juist door zijn strenge opvoeding ook eigelijk geen raad weet met volwassen worden en de bijbehorende seksuele gedachtes en gevoelens. Zilver wil graag ergens bijhoren, maar zijn vele dromen en twijfels maken dat hij moeilijk voor zijn standpunten op kan komen, waardoor hij keer op keer voor dezelfde dilemma’s blijft staan.

De juffrouw is een totaal ander karakter dan Zilver. Ze is streng en netjes en voedt Zilver met de harde hand op. In tegenstelling tot Zilver maakt zij absoluut geen ontwikkeling door in het boek. Zij is in het begin van het boek bijna geheel dezelfde als die ze aan het einde is. Over haar gedachtes kom je weinig te weten, maar over haar gedrag des te meer. Ze duldt geen tegenspraak, maar al helemaal geen seksuele gedachtes in haar huis. Ze vindt dat Zilver zich net als haar netjes en beleefd moet gedragen en zich niet over moet geven aan fratsen van het gewone volk en al helemaal niet aan seksuele lusten.

Wat de relatie tussen Zilver en de juffrouw precies is, kom je niet te weten. Wel staat vast dat de juffrouw voor Zilver zorgt sinds zijn beide ouders zijn overleden. Als Zilver achttien is krijgt hij het geld en mag hij van haar doen en laten wat hij wil, maar tot die tijd bewaakt zij de orde in de grote villa en gelden er ook haar regels.

Deze regels lijken ook bij haar een grote rol te spelen in het leven. Ze gedraagt zich opvallend netjes, heeft geen contact met het gewone volk en snauwt Zilver om het minste of geringste foutje af. Als je haar goed observeert zou je kunnen stellen dat ze misschien haar eigen frustraties op Zilver afreageert. Ze is niet getrouwd en leidt een betrekkelijk saai en eenzaam leven in de villa van Zilvers ouders.

Als met al is een afstandelijk mens, waar ik niet graag mee te maken zou hebben. Ze is streng, ongevoelig en toont totaal geen emoties. Voor haar lijkt in het leven alles om goede manieren te draaien en dat is het dan.

László is een jongen die bij Zilver op het internaat zit. Hij komt uit Rusland en is daar met zijn moeder weggevlucht voor de communisten. Eigelijk wilden ze naar Israël reizen, maar dat hebben ze nog niet gehaald. Dus wonen ze nu in Nederland.

László is joods, hij schaamt zich hier echter totaal niet voor en wil graag sterk worden om de joden te verdedigen. Zilver kijkt tegen hem op vanwege zijn goede sportprestaties. Al gauw zijn de twee bevriend en helpt hij Zilver om beter te worden in sport. Helemaal vlekkeloos is de relatie tussen hen niet, want László geeft zo nu en dan te kennen dat hij Zilver te slap vindt. Hij moet dan ook helemaal niets van Zilvers gedichten weten. Aan het eind van het boek, breekt zijn band met Zilver en blijkt de jongen homoseksueel te zijn.

Douzy is in feite in het boek de tegenpool van László. Ook Douzy wordt na een tijdje een goede vriend van Zilver, maar de heeft een heel ander karakter dan László. Douzy wil dichter worden en leert Zilver dichten in ruil voor het opknappen van huishoudelijke klusjes. Douzy is niet zo geboeid door spieren en sport. Hij dicht liever, maar heeft in tegenstelling tot Zilver een wat opener karkater en kan dus ook wat beter voor zichzelf opkomen. Ook Douzy blijkt homoseksueel te zijn. Hij maakt dit echter ook aan Zilver kenbaar, maar deze reageert er terughouden op.

Gerard is een jongen uit een van de hogere klassen van Zilvers school. Zilver kijkt enorm tegen hem op omdat hij rookt en met meisjes zoent. In zijn dromen hebben de twee een vriendschap en leert Gerard hem alles over seksualiteit. Als Zilver een poging doet nader tot hem te komen worden hij en Gerard betrapt op roken in het fietsenhok. Hierdoor wordt hun vriendschap werkelijkheid, maar tot het eind van het boek blijft Gerard een karakter wat een niet al te grote rol speelt in het boek. De gedroomde vriendschap van Zilver blijkt niet te bestaan, want ook al worden ze goede vrienden en verteld Gerard hem veel. Ook Gerard blijkt niet alles te weten.

Marieke is een meisje dat ook bij Zilver op school zit. Zilver wordt verliefd op haar en doet er alles aan iets met haar te krijgen. In het begin lukt dit een beetje, maar hun opvattingen blijken sterk uiteen te lopen. Marieke vindt Zilver maar slap en wil graag hard werken voor haar eigen geld. Daar Zilver geld genoeg heeft kan hij daar niet goed in meegaan en daarop loopt de vriendschap stuk. Echter van haar neemt Zilver wel een aantal opvattingen over met betrekking tot hard werken die de rest van het boek een rol zullen blijven spelen bij de verdere ontwikkeling van Zilver.

Linda tot slot is een meisje dat Zilver pas ontmoet als hij weer terug komt uit het internaat. In eerste instantie voelt Zilver wat voor haar, maar dan twijfelt hij of hij wel verliefd is op haar. Als hij dit te kennen geeft is het meteen over met de liefde tussen de twee.

[b]Samenvatting: [/b]

Nu ik de personages heb ingelicht en beschreven is het tijd om het boek samen te gaan vatten.

Het boek begint midden in het verhaal. Zilver ligt op zijn kamer en leest uit het boek met duizend platen. Dit is een boek dat ooit van zijn overleden vader is geweest en dat allerlei foto’s bevat met betrekking tot seksualiteit.

Zilver is een wees, maar woont nog wel in zijn ouderlijk huis. Sinds zijn ouders jaren geleden om het leven kwamen zorgt de Jufrouw voor hem. De jufrouw is een streng iemand en wil dat Zilver netjes en bekwaam wordt opgevoed. Ze wil niet dat Zilver naar seksplaatjes of zoiets kijkt, maar Zilver heeft het boek stiekem meegenomen uit de oude bibliotheek van zijn vader, waar toch zoveel boeken staan, dat niemand er eentje tussen zal missen.

Met veel interesse droomt Zilver weg bij de plaatjes in het boek. Zijn fantasieën gaan over een held zijn waar iedereen met aanzien tegenaan kijkt, maar ook over zoenen met meisjes. In zijn dagdromen vliegt Zilver als een vrije vogel boven de stad.

Op school gaat het intussen niet bijster goed met Zilver. Hij wil wel graag leren, maar het lukt gewoon niet zo. Ook de aansluiting met de andere kinderen is niet opperbest. Het liefst zou hij een grote broer hebben die hem alles kan vertellen over seks, meisjes en zoenen. In het kader van die gedachte heeft Zilver groot aanzien voor Gerard, een jongen uit de hogere klassen. Gerard staat vaak te roken in de fietsenstalling in de pauze, samen met andere jongens en meisjes. Zilver fantaseert erover hoe fijn het zou zijn als zij twee vrienden zouden worden. Gerard zou hem alles kunnen vertellen wat hij maar zou willen weten.

In een wilde poging deze droom waar te maken gaat Zilver op een dag ook in de fietsenstalling staan. Er gebeurd niet veel tot de rector ineens binnenstormt. Gerard en Zilver zijn te laat weg en worden samen gestraft. Ondanks het feit dat Zilver zowel door de rector als door de juffrouw hard wordt gestraft is hij stiekem wel trost op deze gebeurtenis. En nog belangrijker. Hij en Gerard worden vrienden. Dankzij Gerard komt Zilver in aanraking met condooms en pornoblaadjes. Hierdoor nemen zijn seksuele dromen nog talrijker en beleefd hij zijn eerste zaadlozing.

Een tijd later heeft Zilver echter een vreemde droom. Hij begrijpt hem niet goed maar meent er toch uit te halen dat hij weg moet bij de juffrouw. Die ochtend nog pikt hij geld uit de tas van de juffrouw en gaat op weg naar het station. Aan een groepje zwervers wil hij vragen hoe je gratis mee kunt liften op een trein, maar het werkt averechts. De zwervers beroven hem en de spoorwegpolitie bezorgd hem weer thuis.

Zowel de juffrouw als de rector zijn woest. Ze bespreken de zaak en dreigen Zilver in een internaat onder te brengen als hij zijn leven niet betert. Voorlopig krijgt hij dan nog een tweede kans gewoon op school, maar haalt hij nog eens zoiets uit dan zal hij ervan lusten.

Geschrokken van de reactie probeert Zilver zijn leven te beteren. Echter, het weren van seksgedachten blijkt een zo goed als onmogelijke taak. Hoe hij ook zijn best doet ze te vermijden, ze blijven komen.

Dan hoort hij dat de vader van Marieke, een meisje van bij hem op school dood is gegaan. Zilver had al langer een oogje op Marieke en omdat hij zelf wees is kan hij zijn ervaringen met haar delen. Zo komen de twee in contact. Marieke is echter niet geheel van Zilver gecharmeerd. Ze vindt hem te bekakt omdat ze zelf maar uit een arm arbeidersgezin komt. Hij mag haar enkele maar naar school toe begeleiden en als Zilver een keer een verkeerde opmerking maakt over geld verdienen, is het definitief over tussen de twee.

Zilver laat zich echter niet bij de pakken neer zitten en neemt haar opvattingen over. Om sterk te worden neemt hij een krantenwijk, maar het valt vies tegen. Elke zaterdag als hij langs de deur moet om het geld van de abonnees op te halen wordt hij geconfronteerd met de armoede van de arbeiders. Velen vragen een week uitstel en Zilver durft dit nooit te weigeren zodat hij gedwongen wordt het tekort aan te vullen met zijn eigen geld.

Daar hij met het verdiende geld zijn gestolen geld zou terugbetalen aan de juffrouw en er maar niets komt, moet hij van haar weer stoppen met de krantenwijk.

Zilver heeft er nu helemaal genoeg van. Op foto’s van zijn vader ziet hij de man die hij eigelijk wil worden. Om dat te verwezenlijken scheert hij zijn wenkbrauwen af zodat ze harder gaan groeien. Het wordt echter een wat bloederige bedoeling en de juffrouw flipt door. Zilver moet maar eens een tijdje naar een internaat om manieren aan te leren.

Het gekozen internaat heet Oudleede en het ligt in de achterhoek. Eerst gaat Zilver er een dag kijken en wordt hij rondgeleid door de directeur. Na de zomer mag hij terugkomen om er echt te gaan wonen.

Zilver neemt zich voor zijn resterende tijd op school netjes af te maken dus meld hij zich aan voor de zomertoneel productie. Een hoofdrol zit er echter niet in, hij krijgt maar een klein rol toegewezen.

De hoofdrol van de productie is voor Tom, een jongen die Zilver eerst wel aardig lijkt, maar als deze handtastelijk begint te worden, keert Zilver hem de rug toe. Toch begint Zilver door deze gebeurtenis te twijfelen aan zijn seksuele geaardheid.

Dan is de zomer afgelopen en gaat Zilver naar Oudleede. Het blijkt een erg dictatoriaal internaat te zijn. je moet er de hele dag werken en leren en je hebt er weinig vrije tijd. Op zijn kamer ligt Zilver met drie jongens waar hij totaal niet mee overweg kan en die hem regelmatig treiteren.

Maar hij leert ook vrienden kennen. Eerst ontmoet hij László een joodse jongen die erg goed kan sporten. László helpt Zilver om beter te worden in sport, maar dan vindt hij wel dat Zilver zijn karakter moet harden.

Niet lang daarna komt Zilver in aanraking met Douzy een wat oudere jongen die gedichten schrijft. László en Douzy mogen elkaar totaal niet en Zilver vreest dat hij moet kiezen tussen de twee. Uiteindelijk besluit hij toch door te trainen met László en in de avonduren te gaan dichten. De resultaten wil hij aan Douzy laten lezen, maar bij het neerleggen ontdekt hij een fels aftershave op diens kamer. Als Zilver een druppeltje wil proberen valt de fles stuk.

Douzy is echter niet kwaad en zegt Zilvers gedichten te zullen lezen als hij een nieuwe fles steelt. Zilver had zich net voorgenomen nooit meer te stelen en besluit de duurste fles te kopen. Douzy leest zijn gedichten en zo lukt het Zilver toch om met beide jongens contact te houden.

Algauw meent Douzy echter uit de gedichten op te kunnen maken dat Zilver eenzaam is. Douzy blijkt homoseksuele trekjes te hebben en wil hem wel van zijn eenzaamheid afhelpen. Zilver schrikt hiervan en wijst hem af.

Om zijn gedachten weer te reinigen na het gebeuren met Douzy wil Zilver zich aansluiten bij de elite groep van het internaat. Zij lopen speciale tochten en zo en zijn werkelijk de uitverkoren lieverdjes van de directeur. Zilver krijgt toestemming van de directie en gaat vrij direct mee op veldtocht.

De tocht wordt voor Zilver een ramp. Hij wordt zieker en zieker, maar mag niet zeuren van de anderen. ’s Avonds moet hij bij de directeur in de tent slapen omdat deze hem te ziek acht bij de anderen te liggen. De volgende morgen verzwijgt Zilver dat hij zich nog steeds beroerd voelt en valt dan ook flauw. Door Zilvers flauwvallen wordt de tocht vervroegt afgebroken en wordt de groep teruggebracht. De anderen zijn hier niet blij mee en Zilver mag alleen nog maar mee met hen om verslag te doen, voor de schoolkrant, in het vervolg.

Als de groep onder een de smoes van een museumbezoek naar de hoeren gaat is Zilver gier alles behalve blij mee. Hoe moeten zijn gedachten op deze mannier rein worden? Bovendien kost het hem zo nog veel moeite om een stukje over het zogenaamde bezoek te schrijven. Zilver heeft echter geen geld voor de hoeren en gaat maar een stukje zitten verzinnen voor de schoolkrant.

Dan is het tijd voor een grote jaarlijkse veldtocht van een week. Zilver heeft er weinig zin in en moet ook nog eens kiezen of hij bij Douzy of László in de groep gaat. Het wordt uiteindelijk Douzy, maar in de nacht voor de tocht droomt Zilver heel raar en besluit hij zichzelf te verwonden om niet mee te hoeven. De dokter lijkt hem te begrijpen en zegt dat hij vanwege een hersenschudding niet mee hoeft.

Zilver blijft die week alleen met de kok achter in het kasteel van het internaat. Er gebeurd maar weinig. Hij ontdekt hier en daar een verborgen plek, maar voelt zich vooral de hele week eenzaam. Als de jongens terugkeren en elkaar verhalen vertellen en zo, wordt dit gevoel bij hem versterkt. Als hij echter hoort dat Douzy en László door zijn afwezigheid in dezelfde groep waren geplaatst en na seks te hebben gehad er vandoor zijn gegaan naar de moeder van Douzy (waar Zilver ook een keer is geweest en waar hij verliefd op werd) knapt er iets bij hem. Zilver wil zelfmoord plegen, maar ook dit durft hij niet. Zo blijft hij achter vol gevoelens van eenzaamheid en leegte.

Dan gaat het boek over naar de terugkeer van Zilver bij de juffrouw thuis. Zijn vijftiende verjaardag wordt gevierd, maar het kan Zilver weinig schelen. Hij voelt zich nog steeds niet goed. Zijn huis lijkt ook zijn huis niet meer na al die tijd Oudleede.

Op het feest ontmoet hij wel Linda, met haar klikt het wel en hij spreekt af eens langs te gaan naar een dansavond van haar hockeyclub. Hier zoenen ze samen, maar als Zilver een paar dagen later te kennen geeft te twijfelen aan hun relatie loopt Linda kwaad weg en noemt hem een mietje.

Zilver wil toch een man worden en keert terug naar Gerard om te vragen hoe dit moet. Gerard leent hem een boek, maar Zilver blijft onzeker van zichzelf. Hij gaat naar de winkel waar Tom werkt en probeert te kijken of die toch niet nog om heem geeft. Als dat niet het geval blijkt vraagt hij geld aan de juffrouw voor een regenjas en besluit hiervan naar een hoer te gaan. Zilver wordt door de hoer ontmaagd en daarmee eindigt het boek.

[b]Tijd, plaats, thema, motieven, chronologie, enz.[/b]

Nu de personages en de samenvatting zijn gegeven is het weer bijna tijd om mijn eigen mening over dit verhaal te gaan geven. Echter eerst hier nog even een samenvatting van een aantal belangrijke onderdelen van het verhaal, voor zover deze niet uit de eerder gegeven stukken te halen zijn.

Ten eerste de tijd. Het boek speelt over een lengte van twee jaar. Van Zilvers 13e tot en met iets na zijn 15e levensjaar. Dit is nodig in het boek vanwege de gedachten die Zilver heeft en hier is dus verder ook niet veel over te vertellen.

De tijd waarin het verhaal speelt is echter wel speciaal. Het boek speelt namelijk ergens in de jaren vijftig, denk ik. Dit leidt ik af uit het feit dat er niet over moderne middelen als computers wordt gesproken, er ouderwetse kostscholen voorkomen in het boek, die tegenwoordig niet meer bestaan, manieren en beleefdheid wel erg belangrijk gevonden worden in het boek, tegenwoordig is dat wel minder en vooral omdat er toch nog een duidelijk klassenverschil zichtbaar is tussen de arbeiders en de rijken. Dat is tegenwoordig veel minder merkbaar als in het boek beschreven is en dus vermoed ik dat dit boek ongeveer in de jaren vijftig zal spelen. Wel na de oorlog in ieder geval, want auto’s spelen wel een rol in het boek en zoals ze beschreven worden had je ze nog niet voor de oorlog.

De tijd is belangrijk voor het verhaal in de zin dat Zilver in een moderne familie minder in de knel was komen te zitten. In een modern gezin had hij namelijk beter over zijn gevoelens en gedachtes kunnen praten en werd hij niet zo op de huis gezeten omtrent zijn manieren.

Dan de plaats van handeling. Dit is in en om het huis van Zilvers ouders, in internaat Oudleede en in het dorp bij Zilvers school. Deze plaatsen worden vrij duidelijk omschreven en dragen allemaal bij aan de gedachten en de sfeer van het verhaal. Je zou Zilver niet ineens in een flat kunnen laten wonen bij een arme juffrouw. Dat zou het verhaal te drastisch veranderen dus is de omgeving wel degelijk van belang, maar ook niet oppercentraal.

Het boek heeft slechts een paar echt belangrijke motieven. Deze worden regelmatig herhaald en spelen een centrale rol bij de vorming van het thema. Deze motieven zijn: eenzaamheid, seksualiteit, dromen, sociaal milieu, angsten, nieuwsgierigheid en het verlangen naar schoonheid. Ik ga ervan uit dat mijn samenvatting duidelijk genoeg is en dat deze motieven dus geen verdere toelichting nodig hebben. Ze komen allemaal duidelijk naar voren in het verhaal.

Met deze motieven kan dan weer een thema geformuleerd worden. In dit boek is dat: volwassen worden. Ook dit behoeft verder geen uitleg, namelijk het hele boek gaat hier gewoonweg over. Over het volwassen worden van Zilver.

Dan tot slot wat betreft de chronologie van het verhaal. Dit is het eerste boek, wat ik lees voor Nederlands, waarvan ik zonder enige twijfel kan zeggen dat het honderd procent geheel chronologisch is. Het verhaal begint als Zilver 13 is en je volgt hem zonder enige terug of vooruitblik tot aan zijn 15e levensjaar. Het verhaal loopt in de volgorde waarin het gebeurd is en dus is het chronologisch.

Als slot aan dit stukje wil ik nog heel even toevoegen dat dit boek naast het centrale thema volwassen worden, ook veel aandacht besteedt aan keuzes maken. Ik noemde het daarstraks al, Zilver moet een aantal belangrijke keuzes maken in dit boek, maar het lukt hem nog niet om ze ook echt te maken. Enfin je zou dit dus ook nog als een soort van motief kunnen zien, keuzes maken hoort immers bij volwassen worden, en ik vond het toch wel belangrijk genoeg om het hier nog even te noemen.

[b]Beoordeling[/b]

Nu ik uitgebreid heb verteld waar het boek over gaat, is het dan nu tijd dat ik het ook ga beoordelen. Ik moet zeggen dat ik betere boeken gelezen heb, maar ik heb ook veel slechtere boeken gelezen. Zilver of het verlies van de onschuld eindigt bij mijn persoonlijke beoordelingslijst in het midden, maar dan wel iets meer naar de bovenkant toe dan echt in het midden.

Ik vond het dan ook best een aardig boek. De schrijfstijl van Adriaan van Dis is erg poëtisch, dat was wel weer eens wat anders dan in het gemiddelde boek, maar het leest best prettig.

Met de schrijfstijl van het vind ik dan ook niets mis. Andere mensen zullen zich misschien ergeren of verwondert zijn door de soepel in elkaar overlopende zinnen van Adriaan, maar ik blijf er neutraal onder. Ik vind het een lekker te lezen boek, prima, daar is niets mis mee, maar de schrijfstijl die toch wel wat apart is, is voor mij ook geen extra pluspunt. Hij is voor mij gewoon goed.

Ook het thema en het verhaal op zich komen gemiddeld op mij over. Het was leuk eens een boek te lezen met een wat ander thema dan dood, liefde en ontrouw, maar dat is van dit boek op zich geen kwaliteit. Het thema sprak me wel aan, maar op de een of andere mannier pakte het me niet zo. Dit zou een herkenbaar boek voor iedereen moeten zijn omdat het een opgroeiproces beschrijft, maar bij mij viel die herkenning tegen. Ik denk dat Adriaan het allemaal een beetje heeft overdreven. Daar is op zich niets mis mee, anders krijg je geen verhaal, maar ik vind het hier en daar een beetje te. Ik zou liever hebben gezien dat Zilver iets minder diepgaande gedachtes zou hebben en dat er wat meer zou gebeuren in zijn omgeving. Dan zou de balans tussen actie en rustige gedachtes beter in evenwicht zijn.

Wat mij betreft had er dus wat meer werkelijk mogen gebeuren in het boek en had Zilver iets minder mogen liggen dromen. Dat had in mijn ogen het boek nog beter gemaakt. Nu zie je immers enkel waar Zilver van droomt, je vraagt je af wat hij ooit in praktijk zal brengen, maar daarover zwijgt het boek. Dat had dus beter gekund.

Maar als je los van die kritieken van mij kijkt, moet ik toch zeggen dat het geen verkeerd verhaal is. Het is niet helemaal mijn smaak, maar ik heb het toch vlot uitgelezen en ik heb me er niet aan geërgerd. Het boek was dus goed te lezen en het verhaal boeide me tot op zekere hoogte ook wel, maar er hadden gewoon wat dingen wat beter gekund.

Dan het einde van het boek, helaas heeft dit mij een beetje teleurgesteld. Ik zat best in het verhaal en had zo mijn verwachtingen dat Zilver op het einde wel een meisje zou krijgen; gaat hij naar een hoer toe! Dat is zonde van het einde. Dat hij naar die hoer gaat, oké. Maar het boek is niet zo dik, dus er hadden best wat extra pagina’s bij gekund waarop je kunt inlezen hoe Zilver reageert op zijn bezoek en belangrijker nog of het, het gewenste effect heeft. Krijgt hij er een meisje door? Want hij verwacht dat als hij eenmaal heeft geleerd de liefde te bedrijven, het allemaal wel goed zal komen. Is dit ook zo? Die vraag blijft onbeantwoord en dat is jammer. Maar goed, de schrijver heeft misschien wel gewild dat je hier zelf over na gaat denken. In elk geval vind ik het gewoon jammer dat er niet iets meer vragen beantwoord worden. Als een boek uit is zie ik graag dat je het probleem van het verhaal goed is opgelost, dat ontbreekt hier een beetje.

Samengevat vind ik het dus een best aardig boek. Mensen die van rustige boeken houden kan ik het zeker aanraden maar als je wat meer van spanning houdt, is het niet echt een tip. Er zitten wat dingetjes in die ik anders had gedaan en ik had ook graag wat meer spanning en wat minder gedachtes gehad, maar de perfecte schrijfstijl van Adriaan van Dis en het aansprekelijke, originele thema en de goede mannier waarop dit met mooie motieven is uitgewerkt, maken dat dit boek van mij toch een behoorlijk voldoende beoordeling krijgt.

[b]Verwerkingsopdracht 8[/b]

Zoals ik net al aangaf in mijn oordeel is het slot van het verhaal me niet helemaal bevallen. Vandaar deze verwerkingsopdracht waarin ik een ander slot aan het verhaal ga schijven. Het oorspronkelijke slot is zoals gezegd open. Ik ga nu een stukje eraan vast schrijven om er een meer gesloten einde van te maken zoals ik het wel zou willen zien. Het boek bevat zoveel dilemma’s dat ik die niet allemaal op kan lossen in zo’n stukje tekst, maar ik zal zorgen dat zijn liefdesprobleem is opgelost, want dat is toch wel het belangrijkste.

Om het duidelijk te houden type ik eerst de paar laatste zinnen van het boek over in cursief lettertype. Daarna ga ik met gewoon lettertype verder met het einde aan het boek zoals ik het zou schrijven.

Zilver ligt op zijn zij, haar ogen zijn niet te harden. Zij trek hem op haar buik, zijn benen tussen haar benen. Zij deint, het witte jeukt.

Zij fluistert: “ik wou dat ze allemaal zo waren,” en kust hem op zijn oor.

Zilver vliegt door de straat van de ramen, hij landt. Hij hoort bij de mannen.

Twee dagen later ligt Zilver nog op zijn rug op bed, naar het plafond te staren. Sinds zijn bezoek aan de straat van ramen is hij zijn kamer niet vaker dan noodzakelijk zijn kamer uitgeweest.

Ik lijk wel gek, denkt hij, ik lig hier een beetje voor Pampus vanwege iets wat iedere andere man als een doodgewone zaak ziet.

Voetstappen klinken op de overloop.

De juffrouw, denkt Zilver.

Sinds hij weer terugkeerde van zijn bezoek heeft ze niet veel meer tegen hem gezegd.

Zou ze het soms weten?

Nee, dat kan niet, denkt Zilver. En toch is er iets. Ze negeert me de hele tijd. Net of ik iets misdaan heb.

Zilver zucht. Natuurlijk had hij niet tegen de juffrouw moeten zeggen dat hij het geld voor de nieuwe regenjas kwijt was. Hij had gewoon niets moeten zeggen. Misschien was de juffrouw het dan wel vergeten. Nu kreeg hij eerst een donderpreek waarna hem opgedragen werd dat hij dan zelf dan maar aan het geld voor een nieuwe regenjas moest komen.

“Hoe kun je nou in hemelsnaam dat geld kwijtraken? Je bent toch vijftien! Een kleuter gaat nog zorgvuldiger om met andermans bezit.” Zilver hoort het haar nog zeggen.

Nou ja, dat geld komt wel goed, ik ben in elk geval een ervaring rijker, denkt hij.

Hoe goed hij ook zijn best doet, hij kan maar niet lachen om zijn eigen opmerking.

Het ergste vind Zilver eigelijk nog dat de juffrouw net doet of ze hem niet ziet. Ze moet toch gemerkt hebben dat er iets is. Niet dat Zilver zit te wachten op een gevoelige juffrouw die hem eens even liefdevol uit wil horen; maar alles is beter dan dit!

Was ik maar niet gegaan, denkt Zilver. Ach, nee dit is onzin. Ik moest gaan, ik kan toch niet de rest van mijn leven eenzaam blijven.

Zilver twijfelt

Hij kan natuurlijk naar Gerard gaan en zijn ervaringen vertellen. Als mannen onder elkaar kan hij hem dan vast wel vragen wat te doen na de daad. De ervaring op zich was immers geweldig, maar sinds Zilver terug is, is hij ingestort.

Ben ik verliefd op die hoer? Vraagt hij zich vertwijfeld af.

Nee dat kan het niet zijn. Zijn intuïtie zegt dat er iets anders aan de hand is. Zilver weet donders goed wat, maar hij weigert het te erkennen.

Altijd hield hij zichzelf maar voor dat je pas een man bent als je het gedaan hebt en als er iets mis ging met de liefde dan wijdte hij het aan het feit dat hij nog geen man was.

Nu ben ik een man, denkt hij vertwijfeld, en kan ik niet meer terugvallen op die smoes.

Alles zou altijd beter gaan als ik een echte man zou zijn. Nu ben ik het en nog lijk ik nog niet in het minste op mijn vader.

Opnieuw zucht Zilver.

Hij gaat niet naar Gerard toe, besluit hij.

Zilvers dromen zijn geweest. Nu hij een man is zal hij voor daden moeten gaan wil hij zich losbreken uit dit eenzame bestaan.

Hij heeft niet voor niets twee jaar Oudleede doorstaan. Veel erger dan dat kan het toch niet!

Ik ben verdomme vijftien, denkt hij, ik ben een man en nu is het tijd om dat ook waar te maken ook. Het is nu of nooit.

Meteen springt Zilver op van bed, beweegt zich door de overloop naar de trap en gaat naar benenden toe. Beneden is niemand. De tuinman is in de tuin bezig en de juffrouw is nog altijd bezig.

Mooi zo! Denkt Zilver.

Met bonkend hart grijpt hij de hoorn van de telefoon en toetst de nummers die hij inmiddels uit zijn hoofd kent stuk voor stuk in.

Het was alweer een week of wat geleden dat hij op de avond bij Linda’s club haar telefoonnummer had gekregen. Tienduizend keer had hij het doorgelezen, maar nooit had hij het durven draaien. Zeker niet meer na hun ruzie waarna hij haar niet meer gezien had.

Maar nu is alles anders. Zilver is een man.Een man met spijt, dat wel.

Maar als het even mee zit, kan hij de grootste fout van zijn leven toch nog rechtzetten.

Met bonkend hart luistert Zilver naar de telefoonhoorn.

Tuut, tuut, tuut, klinkt het.

Dan ineens is er verbinding. Linda’s stem klinkt aan de andere kant van de lijn.

“Linda, niet ophangen,” roept Zilver, “ik ben het, Zilver.”

“Wat moet je,” vraagt Linda een beetje verontwaardigt.

“ik moet je spreken. Ik bedoel. Ik zie mijn fouten nu in. Zouden we het alsjeblieft niet nog een keertje kunnen proberen. Je weet niet wat er allemaal is gebeurd met mij in die paar dagen. Ik ben een ander mensen geworden. Toe geef me een kans.”

Aan de andere kant van de telefoon klinkt een diepe zucht.

“Nou vooruit,” mompelt Linda zacht. “Kom dan zo maar even langs, dan kunnen we praten.”

Zilver weet niet wat hij hoort. Op automatische piloot maakt hij het gesprek af. Pas als de hoorn er weer opligt dringt het tot hem door.

Ik heb weer een kans, schiet het door hem heen.

Nooit, meer zal Zilver zo dom zijn. Hij is nu een man, heeft zich bewezen en ziet de toekomst weer vol vertrouwen tegemoet.