Selecteer een pagina

Stelling 1: De school moet geen regels geven op het gebied van kleding/ haardracht.
Argumenten voor:

  • Nederland is een vrij land, dus mogen we ook zelf weten hoe we er uit willen zien.
  • Als je op school niet zelf mag bepalen wat voor kleding je draagt kan je geen eigen stijl ontwikkelen die bij je past. Het is als een stukje identiteit die bij je hoort.
  • De school heeft al een heleboel regeltjes, als ze zich ook nog eens met de kleding van leerlingen bezig moeten houden hebben de leerlingen minder vrijheid.
  • Het geeft een saai beeld als iedereen in de zelfde (soort) kleding loopt.
  • Argumenten tegen:
  • Minder ongelijkheid tussen mensen die het niet zo breed hebben thuis en de wat rijkere. En daardoor misschien minder gepest/ discussies over merkkleding.
  • Als de school bepaald wat je aan moet hoeven bepaalde personen geen uur meer voor de spiegel te staan om te denken wat ze die dag een aan zullen doen.
  • Minder mensen die denken dat ze stoer zijn met hun (merk) kleding.

Stelling2: Bij het opstellen van het schoolreglement moet rekening gehouden worden met normen en opvattingen van jongeren.
Argumenten voor
*Op een school zijn jongeren de hoofdzaak, dus moet er ook rekening gehouden worden met de normen en opvattingen die zij hebben.
*Wij leven in een democratie waar het belangrijk is om een duidelijke mening te creƫren. Als jongeren dit op school al mee krijgen en inspraak krijgen staan ze daarna sterker in de maatschappij.
*Als er aan jongeren gedacht wordt zijn zij eerder bereid om zich aan de regels te houden, dan is het geven en nemen.

Argumenten tegen:

  • Als jongeren te veel inspraak krijgen maken zij de dienst uit en doen ze dus waar ze zelf zin in hebben. Te veel vrijheid is ook niet goed, want je moet in het leven geven en nemen.
  • Als jongeren later een baan krijgen zijn daar vast en zeker ook regels.
  • En als ze dan van jongs af aan met die regels te maken krijgen gaan ze er later ook makkelijker mee om.
  • De regels die op school gelden zijn gedeeltelijk regels die je ook op anderen plaatsen in de maatschappij tegen komt, dus maken jongeren eerder kennis met de normen en waarde van de maatschappij.

Stelling 3: De school moet je voorbereiden op de normen en waarde die in de maatschappij gelden.
Argumenten voor:

  • Als je deze normen en waarde van jongs af aan leert, heb je later geen/minder aanpassingsproblemen.
  • De school is een plaats binnen de maatschappij, dus waarom zou je de normen en waarde er anders maken.
  • Als je jongeren bewust maakt van de normen en waarde binnen de maatschappij krijg je misschien minder overlast van bijv. hangjongeren.
  • Argumenten tegen:
  • Ouders hebben de taak om hun kinderen op te voeden, dus de school moet zich er niet te veel mee bemoeien.
  • Als de jongeren volwassen zijn gelden er misschien weer anderen normen en waarde, want die gaan ook met de tijd mee.
  • Jongeren hebben al genoeg aan hun hoofd, en het komt van zelf wel als ze ouder en volwassen worden. Op anderen plaatsen komen ze er van zelf mee in aanraking en als ze fouten maken leren ze hier alleen maar van.